Deze brief aan Paul Guermonprez (nummer 114 in de recente brieveneditie) stamt uit de tijd dat Guermonprez (evenals August Henkels) als gijzelaar vastzat in Beekvliet in Sint-Michielsgestel.

Groningen, 22 mei 1942

Beste Paul

Hartelijk dank voor je brief. Toen ik hem las, voelde ik mij schuldig aan diefstal jegens Trude. Het eenige dat ik kan doen is: haar een brief schrijven tot schadeloosstelling, om meteen jou daardoor te behoeden voor gewetenswroeging. Als ik je niet beter kende zou ik zeggen dat je een onverbeterlijke optimist bent. Maar je hebt gelijk: zooals jij het opvat is het vol te houden onder deze omstandigheden. Er valt niets aan te veranderen: je vrijheid is beperkt en wie zich niet zoo goed kan aanpassen zal een zwaar leven hebben. Ik kan mij voorstellen dat er zoo zijn en dat voor hen juist al die drukte en afleiding een belemmering zijn om met zichzelf tot innerlijk evenwicht te komen. Misschien zijn er zelfs die cellulair zouden verkiezen, wie weet. Hoe zouden wij die nog altijd meer vrijheid genieten daarover kunnen oordeelen. Ik kan mij voorstellen dat die kastanjelaan, die nu zal bloeien, sterk een gevoel van rust en berusting kan geven. Als ik van en naar huis ga, neem ik de weg door het plantsoen – daar staan twee groote kastanjes in bloei met een groot grasveld er voor, daar bloeien japansche peer en vele andere bloemen: het is alles even mooi en stil en rustgevend. Vaak denk ik aan jullie; toen ik het bericht kreeg van Trude en Julia dacht ik: nu is het uit, nu kan ik niet meer werken. Het was alles even zwart en somber. Juist had ik opgewekte brieven geschreven Zondags aan Trude en jou en naar Heerenveen nota bene en daar volgt zooiets op. Maar hopelijk ben je nog goed af, laat ons niet te somber zijn. Gelukkig merk ik dat jij je kunt schikken in de omstandigheden – ook August zal dat waarschijnlijk wel kunnen, al zal de basis voor hem een andere zijn dan voor jou. Je kunt nu met hem disputeeren, het loont de moeite. Welk een bijzondere vriendschap zal er tusschen jullie ontstaan. Wij waren de vorige Zaterdag en Zondag in Heerenveen en stoomden door een prachtige streek van ruimte en licht. Weilanden vol paardebloemen, zelfs een stukje koolzaad in bloei. Gelukkig troffen wij de familie in goede welstand. De eerste emotie was voorbij met de schok van het onverwachte en het onbekende van de bestemming. Drie kinderen zorgen wel dat je niet te veel tijd aan je zelf besteedt zoolang zij de oogen open hebben. Geweldig wat kunnen die apen wat uit de weg zetten, leuk om dat eens weer van dichtbij mee te maken als grootvader. Ik heb n.l. al twee kleinkinderen in Johannesburg al heb ik ze ook nog nooit van dichtbij gezien. De eene van Henkels noemt mij instinctief opa – rare gewaarwording om dat voor de eerste keer tegen je te hooren zeggen want in je eigen oogen ben je natuurlijk veel te jong voor zooiets als een opa. Maar ik heb gemerkt dat hij het ook tegen jongere menschen zegt! AIleraardigste kinderen zijn het maar ze geven de moeder handen vol werk.
Als Trude dichterbij woonde gingen wij ook haar eens opzoeken geloof dat – nu moeten wij ons daarin wel beperken tot den zomer en ik beloof je Paul, als het ook maar eenigszins gaat en Trude zelf heeft er geen bezwaar in, dan gaan wij haar bezoeken, want Trude is een van onze liefste vriendinnen. We kregen een brief van haar, zoo vol vertrouwen en berusting in de situatie waaraan menige minder zwaar getroffen vrouw een voorbeeld kan nemen. Ik ben blij dat onze vrouwen even goed met elkaar opschieten als wij, want dat is bij mannenvriendschap vaak het kardinale punt voor de „Ausdauer”. Ook met Julia Henkels is dat het geval, dat is prachtig en voor ons niet genoeg te waardeeren.
Op de zaak is het zooals gewoonlijk om deze tijd van het jaar minder druk, kleine ordertjes, kleine oplagen. Van de weeromstuit maak ik meestal nu kleine drukjes. Ik was er uit nadat ik een paar had gemaakt – toevallig was een vriend jarig die ook de Japansche heeft – Greet was daar voor het geven van lessen in die plaats altijd te middagmalen en spoorde mij aan om iets te maken. Natuurlijk moest ik haar eerst een paar dagen laten zeuren en aandringen – dat ligt geheel in mijn natuur lam genoeg – voor ik er toe kon komen. Een bloempje, een paardje, een kopje… daar ging het weer los gelukkig en al is het maar in ’t kleine, er komt weer iets tevoorschijn. De dagen zijn zonnig en licht maar gaan snel voorbij, er is zooveel spanning in deze tijd. Natuurlijk blijft er veel voor jou bewaard, hoe de omstandigheden ook zullen zijn bij je terugkomst: wij zullen verder leven en onze vriendschap zal het beste zijn wat er uit deze laatste jaren voortgekomen is. Het is wel enorm toevallig dat jullie beiden, mijn beste vrienden, daar bij elkaar zit. Als ik aan den een denk dan denk ik aan den ander. Ik heb onlangs gelezen: Wer ich sagt, sagt auch du: ich und du. Als ik nu du zeg, denk ik aan Paul en August tegelijk – en dat zal altijd zoo blijven. Wie had gedacht dat ik ooit zoo rijk zou worden. In de meest berooide tijd van mijn leven – ’t was 1920 – ben ik mij eigenlijk bewust geworden dat de betere waarden van het leven anders verkregen moeten worden. Strikt gehoorzamend aan de gestelde wetten kan men toch een vrij leven hebben.
„De God die alles nieuw maakt.” August is een man die doortrokken is van die levensopvatting met een onwankelbare overtuiging. Haast zou ik willen zeggen: doe moeite om het te begrijpen. Misschien heb je met hem al zwaar geboomd daarover. Er is zoo verbazend veel dat ik niet begrijp en niet begrijpen kan: respecteer.
Vanmorgen heb ik ook aan hem geschreven, ik hoop dat je deze nog voor de feestdagen krijgt. Wij krijgen die dagen vermoedelijk wel een of meer menschen op bezoek – het loopt er niet druk – maar wees er verzekerd van dat mijn beste gedachten bij jou zijn en bij August, hetzij onder ’t genot van een teug koffiesurrogaat, hetzij bij de blauwe damp van een der laatste cigaros zooals ik er voor deze dagen nog heb kunnen sparen.
Ontvang ook van Greet de hartelijke groeten. Zij is erg druk met lessen als altijd, maar de weinige uren die wij samen kunnen zijn, gelden voor jou en onze beste vrienden!

Blijf opgewekt.
Hendrik